HERMAN HEIJERMANS
toneelschrijver in zijn en onze tijd

Home | De uitgave | Opzet van het project | Toneelwerken | Achtergronden | Secundair | Interactief

Heijermans' toneelteksten online

Zoek op de site

Het zevende gebod
Burgerlijke-zeden komedie in vier bedrijven

Eerste bedrijf | Tweede bedrijf | Vierde bedrijf

 

DERDE BEDRIJF

Dezelfde kamer van het tweede bedrijf, avond.

EERSTE TONEEL
Peter, Bart

Bartbinnenkomend Lief papier! leest "... heb ik Franciscus Bernardus Theodorus Priem, deurwaarder bij de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam..."

Petersoezerig in de leunstoel Een exploot?

Bart  "En door mij in originale daartoe vertoond, waarop mij sprekende als boven tot antwoord is gegeven: 'Heb geen rooie duit', en gevraagd zijnde dit antwoord op het Protest te tekenen, heeft ZEd. - dat ben ik - zulks onnodig geacht... Aldus gedaan in presentie van, onleesbaar, en van Dirk Johannes, onleesbaar, als getuigen, welke... en heb ik de gesommeerde afschrift dezes gelaten". Beroerd stijltje. Kosten vijf gulden negentig. Ik wou dat ik vijf negentig had.

Peter  Ik ook.

Bart  Verduiveld, wat zit jij op het vuur! Het is hier om te stikken.

Peter  Nee, laat de deur dicht, asjeblief. Ik voel me beroerd, verdomd beroerd.

Bart  Ja, je ziet er katterig uit. Je plakt teveel thuis, ouwe jongen.

Peter  Heb je schaatsen gereden vanmiddag?

Bart  Als een koning. Die schaatsen van Prins zijn magnifiek.

Peter  Als een koning schaatsen gereden op de schaatsen van Prins, en geen duit op je zak, 't is romanesk.

Bartbij de tabakspot Ach! Ach!

Peter  Zoek maar niet.

Bart  Nergens zo'n heel klein endje? Nee. Niks. Weet je wat ik de ganselijke dag gerookt heb? Twee afgekauwde stompjes, die in de kolenbak lagen. Waar smijt jij je endjes? Niks. Ik geloof dat Engel pruimt. Wacht es. Dat is een vondst. steekt op He! Da's, da's... ruik es.

Peter  Een endje van mijn schoonpapa.

Bart  Al was het van de straat opgeraapt. Als ik niet rook ben ik geen mens. Homo sum! Gaat naar het balkonraam. Geen enkel buurtje. Verdomde stakker...

Peter  Wie?

Bart  Die. Ze staat er nog.Toen ik voor een kwartier hier was, hebben Lotte en ik er al op gelet. Kijk bij de lantaren. Wat een broodwinning, om in zo'n kou te moeten wachten op de eerste de beste, de eerste de beste, die tegen betaling mee naar bed wil. Kijk haar op en neer lopen. Stakker. Zich omkerend. Wat doe jij?

Petermet zijn zakdoek vegend Niks.

Bart  Peter, je liegt.

Peter  Merci.

Bart  Ik zag bloed.

Peter  Jawel, dat spreek ik niet tegen. Niet de moeite waard. Me wat geforceerd. Kruipt bij het vuur. Daar ligt nog een endje, bij die turf.

Bart  Wel verdomd!

Peter  Vloek zo niet.

Bart  Waarvoor slik je telkens die poeiers?

Peter  Voor m'n verkoudheid?

Bart  Dat is geen verkoudheid.

Peter  Nee, dat is geen verkoudheid.

Bart  En je zegt dat zo kalm!

Peter  Sjt, Lotte heeft de huissleutel. Het zal wel weer overgaan. God kerel, wat ben ik moe, walgelijk moe.

Bart  Hoe lang heb je dat al?

Peter  Gekke jongen - eerst doe je zo'n moeite voor een endje tabak, en nou spring je ermee om alsof je de weelde niet verdragen kunt.1)

Bart  Heb je koorts? En nou maak je je natuurlijk erg ongerust, he? Ik zeg je dat het niks is, absoluut niks. Allemaal inbeelding. Kruip er een paar dagen onder. Jij denkt, dat je... Daar moet je niet aan toegeven. Zit je warm? Zeg, slaap je?

Peter  Nee.

Bart  Vroeger heb ik ook wel es opgegeven, dat kwam uit de maag. Bij jou is het dito, dito.

Peter  Nee, jongen.

Bart  Wat, nee? Alles weet je beter. Neem toch niet altijd je gelijk.

Peter  Goeie kerel, wat redeneer je grappig. De Dobbes...

Bart  De Dobbes? De Dobbes!

Peter  Mijn zuster Truus is eran gestorven...

Bart  Nou ja!

Peter  Toen Jijtje, toen Antoon... En nou...

Bart  Je ben een kwast! Je ben een idioot! Je ben een... Peter! Peter! Goddome, wat is dat nou beroerd... Wil je, wil je een glas water? Zeg!

Peter  Zenuwen. Bij zo'n warme kachel voel je je week. Al klaar!

Bart  Frans die had het an z'n ruggengraat, Karel an z'n nieren, Jaap an z'n hart - jullie medici verzint elk ogenblik wat anders, een hele collegezaal vol "malades imaginaires".

Peter  Allebei de longen zijn aangetast.

Bart  Wie beweert dat?

Peter  Ik. Sjst nou effen! Je sputum liegt niet. Voor een kleine maand heb ik het zelf onderzocht. En toen dacht ik, toen dacht ik, toen wou ik mezelf wijsmaken - zo laf ben je, je wil niet geloven - toen bij wijze van aardigheid, heb ik het de prof laten kijken, die vond het gemeen, die vroeg van wie, van wie het was, en maakte zijn compliment. Verduiveld mal! Je zou het een mop kunnen noemen.2) Een stilte Zeg kerel, in een futloze bui flap je er alles uit, geef me je woord dat je je mond houdt.

Bart  M'n mond houen!

Peter  Lotte die zou... Werpt zijn zakdoek in het vuur. Zie je, zo doe ik dat. En even een schone nemen. Hahaha! Nou is het weeë gevoel weer radicaal weg, sta ik m'n mannetje weer.

Bart  Je bent een... Ik hou m'n mond niet. Vanavond nog schrijf ik...

Peter  An wie?

Bart  An je familie.

Peter  je vergeet dat ik geen familie meer heb.

Bart  Als je moeder hoort...

Peter  Mijn moeder? Heb ik je niet verteld hoe een formidabele ruzie ik met haar en tante Jet, o die tante Jet! gehad heb, die dag ton Gaaike me is komen halen, hoe ik bijna handgemeen ben geworden met mijn oom? Mijn moeder... Een vader en een moeder bestaan alleen als je je heel fatsoenlijk, heel fatsoenlijk...

Bart  Dan schrijf ik Gaaike.

Peter  Van wie leen jij een postzegel? En heeft Gaaike een remedie voor...3)

Bart  Dat is mijn zaak. Jij moet naar het zuiden.

Peter  Asjeblief. En Lotte hier... Nee. Positief nee.

Bart  En als jou wat ernstigs overkomt?

Peter  Larie! Maak er geen treurspel van! Omdat ik even slap ben geweest, doe jij, doe jij... Wat? Word ik er zwak op? Zo hou ik hem een uur lang.4) Van de zomer, in mei, in juni, gaan we naar buiten, hoe weet ik nog niet, maar we gaan. Misschien klop ik bij jou an! Hahaha! Nou je woord.

Bart  Nee.

Peter  Bart, als je één syllabe loslaat, dan breek ik met je, ik zweer je, dan sla ik je op je... Begin nou geen flauwiteiten, vooruit!

Bart  Ik beloof je alleen, dat ik m'n mond zal houen zoalng als ik het zelf goedvind.

Peter  Jawel. Dat is me al genoeg. Nou, ga zitten. He, nou overkomt het me weer.

Bart  Maak jij geen gymnastiek.

Peter  Geef het water es an. Beroerde smaak in m'n mond. Merci. "Le monsieur aux camélias". Het haantje van de toren: "November 't laatst, maar even toch door storm en sneeuwjacht heen..."5)

Bart  Vin jij je ziekte zo weinig serieus, dat je...

Peter  Of ik... O, lieve god. Bart, laat me maar gaan, ik denk liever niet, ik ben zo rot-sentimenteel. Strak in de lamp starend en zonder enige sentimentaliteit voor zich pratend.6) Vanmiddag zag ik bij Arie bloemen en, en - En elk ogenblik vraagt Lotte waarom ik haar zo raar aankijk. Kijk jij nou es in de lamp, en denk dan, probeer het te doen, dat je haar nooit meer te zien krijgt, nooit. Wat is de dood een luguber ding, een benauwend ding als je - er rekening mee gaat houen. Telkens voel ik, voel ik me alsof ik balanceer uit de werkelijkheid in een nevel en uit de nevel terug in de werkelijkheid. Van de week liepen we buiten, moest ik plotseling gaan zitten, om niets - er reed een sjees voorbij en de bomen stonden zoals altijd, en de sloten waren gewoon bevroren, en de sneeuw was gewoon - en, en.

Bart  Kom! Uit nou!

Peter  Die arme Lotte. Dat is nou met recht de vloek van een vrij huwelijk.

Bart  Een vrij huwelijk. Zeg jij nou nog zulke gekheden?

Peter  Welke gekheid?

Bart  Verdraaid mal! Alsof er één vrij huwelijk is!

Peter  Word je paradoxaal om me op te kikkeren?

Bart  Paradoxaal? Godbeware! Was het maar een paradox! Ik geloof dat jij meent, dat er een principieel verschil tussen jouw huwelijk zonder stadhuisbriefje en een ander met dat ding bestaat. Je vergist je, jongen. Alleen bij de beesten kun je van vrij spreken. Een mannetjeszwijn zoekt zijn eigen kost, een vrouwtjeszwijn.

Peter  Zeug.

Bart  Merci. Een zeug heeft geen huishoudgeld nodig, geen kleren, geen contract. Ze zijn niet van elkaar afhankelijk. Eerste stelling: van een zwijnenpaar kan de maatschappij een massa leren, al zitten we tot hier toe in de zwijnderij.

Peter  Hahaha! Da's weer zoiets van jou! En de tweede stelling?

Bart  Nummer maar niet. je lacht tenminste weer. Even een pijp stoppen. - En nou heb je meteen de symboliek van het hele huwelijk: een nat restantje in een vuile pijp, de pijp: de maatschappij, en het restantje: Ehret die Frauen, sie flechten und weben.7)

Peter  Onzin! Ik beweer dat de vrije liefde...

Bart  Vrije! Vrije! Vrije liefde. Ga toch es een voordracht houen in een dameskrans, op een nutsavondje. Je doet net als de goeie burgerij, die, als ze het woord in d'r mond neemt, precies zo angstig praat alsof ze een hete aardappel moet slikken. Vrij huwelijk! Vrije liefde! God-almachtig! De mensen zijn op woorden, woorden verlekkerd. Als je een enkele, toevallige uitzondering apart zet, kun je als een axioma verdedigen dat je hele moderne huwelijk echtbreuk, overspel is! Het zevende gebod ligt al eeuwen in de goot!

Peter  Het zevende: gij zult niet stelen? Hoe breng je dat hier te pas?

Bart  Ons protestants zevende is jullie katholiek zesde, ezel!8) Maar waard zijn ze evenveel. Probeer jij te leven zonder bestolen te worden, zonder te stelen!

Peter  Dus je wou bewijzen...

Bart  Gij zult geen overspel bedrijven! Ge zult geen... Wat is een huwelijk? Wat is overspel? Een huwelijk, dat is, dat is het vrijwillig tot elkaar komen, het vrijwillig bij elkaar blijven, anders niets. Wat zie je! De ene partij, die heeft geen onderdak, die mot wel schuilen voor de regen, en als ze dan in gezelschap raakt van een contractant die drinkt, slaat, geslachtelijk op of ziek is, dan kan ze of moet ze onder het afdak blijven, of ze kan in de regen terug en onze lieve heer beleefd om een paraplu verzoeken. Zodra je trouwt om belangen, pleeg je overspel, zodra je om belangen getrouwd blijft, pleeg je overspel. En omdat de omstandigheden overal die belangen opdringen, opdringen, is overspel schering en inslag. Het huwelijk zit an de eigendommetjes vast. Daarmee ligt het. Zonder eigendommetjes geen overspel. Wat te bewijzen was.

Peter  Maar beste jonge, zo verdraai je een gebod, dat feitelijk eenvoudig is.

Bart  Ik verdraai niks. De omstandigheden hebben verdraaid.

Peter  Dan zou jouw redenering evengoed toepasselijk zijn op de tijd, toen de geboden op de berg Sinaï gegeven werden.

Bart  Nee vadertje! Toen had je om en om gemeenschappelijk bezit, toen was er dito geen erfrecht, toen kenden ze geen wettige en onwettige kinderen, toen bestonden geen onderdakjes, geen contractanten, toen had je geen "vader onbekend", toen werden geen vrouwen "verleid" en kinderen in een riool verdronken, toen plaatsten ze geen huwelijksadvertenties, toen kenden ze geen stand, geen geld, geen fatsoen, geen bordelen, geen eer, geen voorbehoedmiddelen, - toen waren er geen annonces "geen krediet te verlenen aan mijn huisvrouw zo-en-zo", toen bleven ze niet ongetrouwd omdat ze niet te eten hadden voor twee, toen stonden er in de winter geen vrouwen op straat zoals die daar, toen miste je de plechtig-plechtige inzegening in kerk of stadhuis van de smerigste, immoreelste, ongezondste paren, toen verkwijnden geen vruchtbare vrouwen op fabrieken, toen beschermden ze geen christelijke tehuizen voor "gevallenen" en hoeren, toen bevorderden ze geen leugenachtig stelsel van Malthus,9) toen had je geen gevoelige mannenjury's, die hun eerwrekende mannen vrijspraken, toen bestond er geen noodzakelijke prostitutie, was de vrouw geen "stuk eigendom", gehoefde er geen overspel te zijn, omdat zij en hij - je hoorde te zeggen hij en zij - te bikken, volop te bikken hadden, vrijwillig bij elkaar kwamen, en als zij wouen vrijwillig van elkander gingen.

Peter  Dus jij zou weer terug willen?

Bart  Ik? Wat ben je nog groen! De boel loopt vanzelf. De kruieniers en al de eerbaren kunnen gerust zijn. Het burgerlijk huwelijk en mijn geliefd B.W. zijn maar een deel van het zinkend koopmansschip, en niet het smakelijkst. Wandel je zonder zakdoek voor je neus in de kajuit, dan wor je onpasselijk, tenzij je door de gewoonte aan odeurtjes gewend bent en stank een uitgezochte odeur noemt. Naast het burgerlijk vin je het kerkelijk huwelijk, de gehoorzaamheid, de volgzaamheid tot aan de dood. Koekoek één zang, Siamese tweeling, peper en zout, twee verliefden, was sich neckt das liebt sich! Als een paar trouwt, ondergaat het eerst een dosis romantiek op het stadhuis, dan een hoeveelheid classicisme in de kerk, en na al die ongewone gebeurtenissen rijdt het vol poëzie in een huurkoets naar de nuchtere werkelijkheid. Het huwelijk is een realistische klem, waaruit niemand ontkomt. En jouw "vrije huwelijk" is een libertaire saus, hals idealisme half ander -isme, de hele tijd is -isme. Er zijn geen reddingsgordels op ons zinkend koopmansschip. Alleen kun je het genot hebben in de verte de zon te zien opgaan.

Peter  Jij redeneert met een wijsheid en een zekerheid als koning Salomo.

Bart  Als je over het huwelijk spreekt, moet je die erbuiten laten. Duizend vrouwen is mij teveel.

Peter  Alle gekheid op een stokje: Lotte en ik hebben mekaar vrijwillig genomen, we blijven vrijwillig bij mekaar. Zij houdt van mij. Ik van haar. Waar zit nou jouw geweldige realistische klem?

Bart  Primo bewijs je met één voorbeeld niks. Secundo deugt je voorbeeld niet. Ik laat in het midden dat je vader geen toestemming wil geven, omdat zijn eer van rijkgeworden graanhandelaar ermee gemoeid is, ik laat het hele geval in het midden, een geval is nooit een uitgangspunt. Lotte is een van de oneindige reeks afhankelijken. Zolang jullie van mekaar houdt, merk je het niet, zodra jij breken wil...

Peter  Daar denk ik niet an.

Bart  Jij niet, anderen wel. Probeer je een van tweeën los te scheuren! Doe jij het, dan staat zij op straat, met haar boterbriefje of zonder boterbriefje, dan kan ze bij familie of vreemden om eten gaan bedelen, of hengelen naar een nieuwe meneer, of banen...10)

Peter  Nou! Nou! Nou!

Bart  En wil zij uit de klem, dan weet je het gevolg. De goddelijk-mooie wereld heeft één klein gebrek, dat er arbeiders en dat er vrouwtjes zijn. Je zit ermee opgescheept.

Peter  Trouw jij een feministe!

Bart  Ik ben te weinig heer om een dame te trouwen. Nou? Je gezicht staat heel anders. Ik heb satisfactie van mijn geredeneer. Jammer dat ik geen toneelspeler ben geworden. Ik zou zo'n goeie raisonneur geweest zijn in stukken met een verdord vijgenblaadje, in kluchten met veel vrouwenbenen, in brandkastdrama's en eertragedies. Voel je je weer niet lekker?

Peter  Weet je waarover ik nou zit te tobben, na al die harde dingen van jou? Als ik dood zou gaan, dan zou Lotte... God, Bart, dan zou Lotte...

Bart  Alles begrijp jij verkeerd! Als iemand een paradox verdedigt door dik en door dun, neem jij het voor ernst op. Kan jij geen gekheid...

Peter  Gekheid! Nee wees maar stil. Je heb, misschien met opzet een factor vergeten. Vrijwillig bij elkaar blijven, vrijwillig... En vrijwillig breken. Wat een spot!

Bart  Ga je mee naar achter?

Peter  Wat moet ik bij jou doen?

Bart  Prakkizeren wie we kunnen oplichten! Toe, lach nou weer es! Ik heb gister een reuze-ontdekking gedaan; de hele marxistische theorie is nog geen tientjee waard! Wiol je het bewijs? Breng Das Kapital naar de Ouwemanhuispoort. Een knappe jongen als je er tien pop uitslaat! Ga je mee? Alleen laat ik je niet. Moet Lotte je rooie ogen zien?

 

TWEEDE TONEEL
De vorigen, Engel

Bart  Brave Engel, wat denk jij van de vrije liefde?

Engelmet theegerei Ach, allemaal kattendrek. 'k Heb andere sorge an me kop! Die van driehoog kan je beter te woord staan. Se gaat 'r af.

Bart  Zo, dat heb je dan netjes klaargespeeld.

Engel  De huisheer het 'r opgeseit, en fijn hoor! Se maakte 'r gewoon 'n rendez-vous van.

Bart  En wou hij zulk gemeen geld niet opstrijken?

Engel  Opstrijke? 'r Was niks te hale. Tja, 'n huisheer sal vies van geld sijn! As geld stonk, hield je 't toch nerges uit! Ik wil wel wete da'k 'r lol in heb. Se heit 'n goeie an me gehad. De hele dag liet 'k me kraan lope en solang as ik loop, krijgt sij geen druppel water. Te kaal om d'r schoonmaakster te betale. De slager die levert 'r niet meer, en de bakker en de kruienier die loere op 'r. Nou houdt se sich al twee dage siek, leit se in d'r nest sonder te vrete. Dat luie varken! As die niet in de snijkamer terecht komt, laat ik me ville!

Peter  Jij ben een lieve buurvrouw.

Engel  Ik ben ook jong gewees, meneer...

Bart  Nou, wor nou niet schuin. Slik in.

Engel  Maar so'n ontucht. Mijn man...

Bart  Weduwe Engel, vertel de rest morgen, we gaan naar mijn kamer. Zal je juffrouw Lotte zeggen dat we repeteren?

Engel  Denk u 'r an meneer dat 't morgen de eerste is?

Bart  Alweer de eerste! De eersten zullen de laatsten zijn. Dag Engel.

 

DERDE TONEEL
Engel, Lotte

Engelsteekt het licht onder de thee op, schikt de stoelen O se is weer op! Hoor d'r stampe. Net pote van 'n matroos. In de gang. Poes, poes, poes, poes! Waar sit je poesie? Kom jij maar bij de vrouw, engeltje. So. So. Wil jij 'n kommetje melk? Wil jij mekkie? Wat segt-ie dan? Ach jij lekkere poezeloresie, jij toetertje. So. De madam boven is weer op, poesie. En nou gaan wij de kraan opendraaie, me soete, liefe swartkop. Geen druppel water.

Lotte  Is meneer uit?

Engel  Meneer is achter. Ze stedere samen.

Lottein de gang Blijf je de hele avond bij Bart, Peter? Wat zeg je? He, jassus. Nou da's plezierig.

Engel  En ik mot 'r ook vandoor. Me man's suster is jarig.

Lotte  Ik feliciteer u, mevrouw.

Engel  Dank u, mevrouw. Hoor u? Jawel. Die denkt mijn te peste met d'r kleed op te neme en de hele tijd over de houten vloer te kuiere. Se mot 'r salegies af! 't Is 'r door.

Lotte  Och, ze heeft mij niet gehinderd.

Engel  Sjongen nou. Dan mot u met permissie essetee in uw oren gehad hebbe. Nou poes, seg mevrouw goeienavond. Wat 'n lekkere dief, he? En sindelijk! As-tie geen schone bak heit, roept-ie gewoon wrouw, wrouw. Loop jij maar, kreng: wie 't laatst lacht, lacht 't best! Heb 'k u al verteld, dat-ie voorverlejen maand d'r kanarie heit opgevrete? En niks geen vermoedens. Mag jij vogeltjes opete, stoute beest? Of-tie je so begrijpt. Knuffele kan 'k je... Nou, dag mevrouw. Let u 'n beetje op de deur.

Lottelegt de kaart11) O, o, o, wat een ellendige kaart, tranen, hartzeer - verliefde gedachten. Er wordt geklopt. Binnen!

 

VIERDE TONEEL
Lotte, de juffrouw-van-drie-hoog

Lotte  Mot u hier wezen?

De juffrouw-van-drie-hoog  Ik ben de juffrouw van, van driehoog...

Lotte  Kom u binnen.

De juffrouw-van-drie-hoog  As 'k zo vrij mag zijn. 'k Wou u vragen... 'k Heb zo net de juffrouw horen weggaan, en nou heeft ze per abuis de kraan laten openstaan, en, en nou zit ik zonder water. Zou u 'm effen willen dichtdraaien?

Lotte  Met plezier.

De juffrouw-van-drie-hoog  U zal wel denken, wat ziet ze d'r uit, maar 'k ben niet lekker geweest en 'k wou me juist gaan wassen, ziet u. Zo kan 'k moeilijk de straat op.

Lotte  Als u pas ziek is geweest, zou ik met die kou nou maar thuis blijven. Een boodschap wil ik wel even doen.

De juffrouw-van-drie-hoog  Ach nee, dank u vrindelijk.

Lotte  Mens, geneer je maar niet, je staat gewoon te rillen.

De juffrouw-van-drie-hoog  Da's van de overgang. Bij de kachel. Mag 'k even? U zal wel denken: wat gek, as je in bed ligt, heb je geen kachel nodig, en om 'm nou nog an te maken...

Lotte  Zeg mij nou maar wat er wezen moet. Zeker geen melk en geen olie in huis.

De juffrouw-van-drie-hoog  Nee juffrouw, 'k heb alles, heus 'k heb alles. 'k Mot naar me familie... 'k Heb alleen water nodig.

Lotte  Waarom maken jullie buren het elkaar ook zo lastig?

De juffrouw-van-drie-hoog  Ik leg 'r geen stro in de weg.

Lotte  En u heeft uw kleed opgenomen?

De juffrouw-van-drie-hoog  Heb 'k? Ach ja. Nou, laat 'k maar niet liegen. Morgen is 't de eerste, en de derde mot 'k 'r af, en je ziet mekaar toch niet meer terug, d'r staat niks meer bij me. 't Was op afbetaling, ziet u, en, en... toen hebben ze 't weggehaald, net op 'n middag toen zij uit was. 'n Geluk bij 'n ongeluk.

Lotte  En gaat u nou bij familie inwonen?

De juffrouw-van-drie-hoog  Ja, nou ga 'k bij familie inwonen.

Lotte  Dat is tenminste een uitkomst.

De juffrouw-van-drie-hoog  Juffrouw, juffrouw wat ben je nog onnozel! Familie! De eerste de beste die 'k straks tegen z'n lijf loop... Neem me niet kwalijk. 'k Sla door. Zou u de kraan...

Lotte  Wil u 'n kopje thee?

De juffrouw-van-drie-hoog  Dank u.

Lotte  En geen boterhammetje? U is toch nog nuchter?

De juffrouw-van-drie-hoog  Nee, dank u...

Lotte  Dan zal ik de kraan...

De juffrouw-van-drie-hoogneemt een van de kaarten op Hartetien, vermeerdering van goederen. Klaveren negen en schoppen tien bij mekaar: nou da's 'n lamme kaart!

Lotte  Ja he? En het huis leit gekeerd!

De juffrouw-van-drie-hoog  En al de schoppen! Oe-oe! Voor geen goud... Wat heeft u gedekt?

Lotte  Schoppenboer!

De juffrouw-van-drie-hoog  Schoppenboer? Poeh! Maar enfin, de verliefde gedachten, da's hoofdzaak voor ons, wat?

Lotte  Voor ons?

De juffrouw-van-drie-hoog  Voor ons, ja. U is toch ook niet getrouwd. Bel. Laat maar. Joe? Ja, da's hier. Wacht effen.

Lotte  Zeker m'n vader.

 

VIJFDE TONEEL
De vorigen, de jonge pastoor

De jonge pastoor  Meneer Dobbe is dat...

De juffrouw-van-drie-hoog  Om u te dienen.

De jonge pastoor  En is u...

Lotte  Nee. Dat ben ik.

De juffrouw-van-drie-hoog  Dan zal 'k... Goeienavond juffrouw.

 

ZESDE TONEEL
Lotte, de jonge pastoor

De jonge pastoor  Ik ben zijn broer.

Lotte  Ja, dat heb ik begrepen. Ik zal hem roepen.

De jonge pastoor  Liever niet, nog niet. Het treft zo toevallig... Wil u even gaan zitten?

Lotte  Ik wou, ik wou...

De jonge pastoor  Ik verbeeld me dat wij met elkaar weleens mogen spreken.

Lotte  Over?

De jonge pastoor  Juist. Gaat u zitten. Nee, ik kom geen duimschroeven aanleggen.

Lotte  Ik ben protestant...

De jonge pastoor  Dat weet ik. Peter en ik hebben destijds gecorrespondeerd. Ik weet zowat alles. Juffrouw Ricaudet, op de man af gevraagd, wat is u voornemens met mijn broer te doen?

Lotte  Voornemens?

De jonge pastoor  Ik vraag dat, en zonder omwegen, omdat ik een beroep wil doen op uw gezond verstand, maar meer nog op uw goedheid. U is jong, en schandelijk onbezonnen, nee, wees maar niet bang, en mijn broer is een kind. Een jongen van eenentwintig kun je geen man noemen.12) Wij dachten, mijn vader en ik, dat hij vanzelf tot inkeer zou komen en een zo onzedelijke verhouding breken - onzedelijk in hoge mate, dat zult u wel weten, of niet?

Lotte  Ik weet het niet, meneer - ik kijk naar geen andere mannen...

De jonge pastoor  U heeft meer dan dat gedaan, u heeft een verleden, waarvoor heel oprechte boetedoening gepaster, god-welgevalliger zou zijn, dan dit onbesuisd voortgaan, dan dit meesleuren van een ander jong leven. Gelooft u in God?

Lotte  Dat zal iedereen wel... Maar God kan niet kwaad zijn, als je van mekaar houdt...

De jonge pastoor  Houdt? Houdt? Toont werkelijk houden zich op die manier? Hebt u weleens een man, een oude man, zien huilen? Vindt u huilen van een man niet erger dan het huilen van een vrouw? Gister was ik thuis, bij ons thuis. En, u begrijpt dat natuurlijk, toen ik met mijn vader alleen was, laat in de nacht, heb ik hem voor het eerst... als een kind, als een kind heeft-ie gesnikt. U hoeft met hem geen medelijden te hebben, dat mag ik van u niet verlangen...

Lotte  Ik heb meelij met hem, heel erg.

De jonge pastoor  Meelij is niet genoeg. Als je van elkaar houdt, zegt u - Is dat houden? Is dat genegenheid? U denkt aan uzelf, niet aan hem, niet aan zijn toekomst. U brouilleert hem met zijn hele familie, u rukt hem uit zijn studie. Is dat houden? En, wat erger is, u die meer levenservaring kunt hebben, moedigt hem aan, houdt hem zo stevig mogelijk vast, terwijl u weet dat u door en door slecht handelt...

Lotte  Slecht? Waarom slecht? We hebben het arm. Dat is niet mijn schuld. Ik wil niks voor mezelf. Zo pas, zo pas heb ik mijn horloge nog naar de lommerd gebracht...

De jonge pastoor  Slecht13) omdat iemand met uw verleden weet, weet herhaal ik, dat er nooit van een ernstige verhouding tussen haar en een eerlijke jongen, die niet van haar godsdienst èn niet van haar stand is, sprake kan zijn.

Lotte  Peter heeft me toch zijn woord gegeven, en ik heb hem alles gebiecht, alles... En over godsdienst en stand praten we niet.

De jonge pastoor  Zijn woord, het woord van een kind. Foei. Leeft uw vader nog?

Lotte  Ik kan het niet helpen dat-ie zo dikwijls hier komt.

De jonge pastoor  Hier? Komt uw vader hier? En uw moeder ook? Dus - u wilt mijn broer met geweld in z'n ongeluk storten? U wilt inderdaad met hem trouwen? Voor de burgerlijke ambtenaar natuurlijk, en als hij meerderjarig is. U speelt uw rol voortreffelijk, juffrouw Ricaudet. En op het stadhuis, zult u zeker zonder wroeging het kruisje onder de akte tekenen, tenzij u uw naam wel kunt schrijven.

Lotte  Heeft uw zuster...

De jonge pastoor  Nee, uw eigen - hoe moet ik hem noemen - uw aanstaande, schreef het in een van zijn brieven.

Lotte  Is het een misdaad als je in armoe opgroeit? Maar mijn naam, die kan ik schrijven zonder fouten. Ik oefen me elke dag.

De jonge pastoor  Een naam kunt u leren schrijven, een onbesproken naam niet meer, nooit meer. En mogelijk voelt u, als u ooit zover heeft gedacht, dat geen vrouw het recht heeft moeder te worden, die het laatste niet kan.

Lotte  O, o, wat is u hard - u die pastoor is, u die iemand opbeuren moest, en niet zo neertrappen... valt neer, Peter op. Ik kan niet buiten hem, o, geloof u me toch, ik zou wel willen, maar ik kan niet, ik kan niet...14)

 

ZEVENDE TONEEL
De vorigen, Peter

Peter  Heb je haar genoeg vernederd, Jozef? Heb je daarvoor de reis gemaakt? Sta op, Lotte. Mijn broer schijnt de woorden van Christus vergeten te hebben: Nec ego te condemnabo. Zo veroordeel ik u ook niet.

De jonge pastoor  Je broer, Peter, heeft niets vergeten, niet de eerbied die hij zijn ouders schuldig is, niet het ontzag voor geboden, die jij met voeten treedt. En begrijp me wel, als dienaar van Christus sta ik hier niet, zou ik hier niet willen staan, uit achting voor mijn kleed.

Peter  Dus dan kom je hier, in politiek?

De jonge pastoor  Peter! Dat is niet de toon, m'n jongen, voor een vriendschappelijk onderhoud en zo zullen we niet voortgaan! Wil je zo goed zijn, hier of hiernaast, een ogenblik met me onder vier ogen te praten?

Peter  Nee. Voor mijn vrouw heb ik geen geheimen.

De jonge pastoor  Voor je vrouw? Heb je begrip van hetgeen je zegt?

Peter  Meer dan jij die je erover verwondert. Lotte, ik verbied je de kamer uit te gaan.

De jonge pastoor  Dan zal ik zwijgen.

Peter  Uitstekend. Een stilte.

De jonge pastoor  Blijkbaar voel je niet, m'n jongen...

Peter  Hou asjeblief je vaderlijke welwillendheid voor je.

De jonge pastoor  Je slaat een ergerlijke toon aan, een toon die al eens oorzaak is geweest, dat ik je brieven onbeantwoord liet.

Peter  Niemand heeft je geïnviteerd, niemand heeft je verzocht je tussen mij en mijn vrouw te dringen.

De jonge pastoor  Je vrouw! Je... Ik verlang van jou zoveel respect, dat je in mijn bijzijn niet met woorden speelt!

Peter  Respect, ik voor jou? Ben jij van ander vlees en bloed dan ik? Is jouw moeder niet mijn moeder?

De jonge pastoor  Je moeder, jij zoon zonder hart.

Peter  Liever geen hart dan het jouwe, dat in de middeleeuwen thuishoort!

De jonge pastoor  Peter!

Lotte  Peter, mag ik...

De jonge pastoor  Nee, nu verzoek ik u te blijven. We hebben daar driftiger woorden gesproken dan wenselijk was, en ik zeker heb er schuld aan. Peter, Peter, je ouders zijn wanhopig, vader vooral, al wil hij het niet laten merken - denk es an, ik zei het strakjes aan de juffrouw, vannacht zag ik hem huilen. Met moeke heb je bij tante Jet een schandelijke ruzie gehad. Toe, kom tot inkeer, èn u èn hij moet voelen dat hier iets onzedelijks gebeurt.

Peter  Onzedelijk? Goddank dat wij, die van elkaar houen, onzedelijk zijn in een tijd waarin al wat huwelijkszede is, gemeen en laag is.

De jonge pastoor  Met welk recht oordeel jij, zo jong als je bent, over huwelijkszeden?

Peter  Met welk recht doe jij het, en dat beweer ik nou niet om je te kwetsen, jij, die vrijwillig afstand...

De jonge pastoor  Foei. Heb je geen waardiger antwoord? Zie nu eens, Peter - o, ik hoop dat God het jullie duidelijk make - wie onrein is geweest, heeft geen recht meer op een zo rein verbond als een waarlijk huwelijk wezen moet, en de juffrouw met wie je...

Peter  Heeft een verleden. Maar ik dan? Heb ik nou al geen verleden? En andere mannen? Laat God me dan duidelijk maken waarom een vrouw wel en een man niet nagewezen wordt.

De jonge pastoor  Roep jij God niet aan, zedeloze jongen! Jij die... Voor het laatst doe ik een beroep op je. Nooit, dat verzeker ik je plechtig, zul jij deze... juffrouw trouwen.

Peter  Ik heb haar getrouwd.

De jonge pastoor  Dat meen je nu nog. Dat... Peter, ik vin het zo smartelijk dat ik je bijna smeken moet deze verhouding af te breken. Je bent hier in een omgeving, die pijn doet om aan te zien. We hebben zo gehoopt dat je vanzelf...

Peter  Vanzelf! Vanzelf! Vanzelf terugkeren, nietwaar? En haar? Zij telt niet mee, wel? Wat er van haar, mijn goeie, trouwe, beste vriendin wordt, daar hebben jullie maling an, daar lachen jullie om! Je maakt je druk en bezorgd om mij, om mij alleen! Vraag je of zij an me gehecht is, of zij als ik haar loslaat ergens creperen kan? Jullie zijn een bende en al jullie genegenheid is immoreel en zelfzuchtig!

De jonge pastoor  De onze immoreel? De onze zelfzuchtig? Jij denkt uitsluitend aan jezelf, aan je eigen lusten, aan je eigen tijdverdrijf!

Peter  Pas op, gebruik dat woord niet meer.

De jonge pastoor  Jij denkt op de meest cynische manier over je ouders. Twee van je zusters zijn gestorven, een van je broers. Gaaike leeft gescheiden van haar man. Op jou was de hoop gevestigd van die twee ouwe mensen, de hoop op een kleinkind.

Peter  Niemand heeft jou belet...

De jonge pastoor  Dat is de tweede keer. Ik schaam me erover zulke dingen te horen van een jongere broer, die geen welvoeglijkheid meer schijnt te kennen en geen angst voor goddelijke voorschriften. Kom tot inkeer jongen, berouw is nooit te laat.

Lotte  Ik wil niet dat... Ik zal wel gaan...

Peter  Huil niet, Lotte.

Lotte  Ik wil niet dat je van je familie...

Peter  Huil niet! Haar hand grijpend. Zowaar God me hoort, zolang ik het leven heb, zal niemand je, zelfs niet met een gebaar beledigen.

De jonge pastoor  Foei. Foei. Goeienavond, Peter.

 

ACHTSTE TONEEL
Peter, Lotte

Lotte  O, dat ik je in de weg blijf staan - dat ik de oorzaak ben...

Peter  Zo, zo zoen ik die malle traantjes weg, die malle traantjes. Jij heb geen schuld en ik heb geen schuld. De fout is, dat ik misschien te eerlijk, te mal verliefd op je ben geworden. Als ik je betaald had, zoals mijn vrienden het doen, zouen ze het niet ernstig hebben genomen, zouen ze gezegd hebben, "il faut que jeunesse se passe", dat betekent, neem me niet kwalijk, jeugd moet geleefd worden - de jeugd moet uitrazen, betaald, betalend uitrazen...

Lotte  Peter, wat doe je vreemd...

Peter  Ik voel me een beetje duizelig, van de opwinding denk ik. Is er nog water in de karaf?

Lotte  Peter, je maakt me angstig.

Peter  Het zakt alweer, ik wor helemaal een mannetje van pap. We moeten maar gauw ergens een villa kopen en buiten gaan leven. Heb je nog water?

 

NEGENDE TONEEL
Bart, de vorigen

Bart  Peter!

Peter  Wil jij me even naar de slaapkamer brengen, ik ben zo schrikkelijk duizelig. En haal jij... haal jij... Nee, het is niks, Lotte. Maak je maar niet ongerust. Allen af. Het toneel blijft enkele ogenblikken leeg.

Lottemet kan Hier heb je...

Bart  Niet binnenkomen!

Lotte  Peter! O God, o God! Ik kan geen bloed zien. Ik kan geen bloed zien.

 

Naar boven | Eerste bedrijf | Tweede bedrijf | Vierde bedrijf

 

Noten

1. Oorspr. staat hier, dat Bart driftig zijn pijp breekt en de stukken in het vuur smijt. In deze editie wordt geabstraheerd van realistische details met name over roken, tenzij ze niet gemist kunnen worden zoals in II,4 of hierboven. In alle stukken van Heijermans wordt gerookt.
2. Een soortgelijke medische proef op zichzelf in < a href="Pantser_3.html">Het Pantser, III,6. Daar probeert apotheker Frans Berens een serum uit. De stoïcijnse toon is ook dezelfde. Peter "glimlacht" erbij, maar dat doen bijna al HH's personages, filosofisch of verzachtend.
3. Uiteraard longtuberculose. In een tijd waarin tbc niet meer voorkomt, moet dat haast wel hardop gezegd worden.
4. In de tekst: Een stoel voor zich uitstekend, vgl. "gymnastiek" in de tekst van Bart.
5. Gedicht van P.A. de Genestet.
6. In deze volstrekt niet-sentimentele houding van Peter schuilt een levensbeschouwelijke overtuiging van Heijermans zelf, de ultieme levenswil, die evenals het filosofische glimlachen door het hele oeuvre heen terugkeert.
7. Gedicht van Schiller: "Würde der Frauen".
8. Tussen de gezindten worden de tien geboden niet gelijk verdeeld: "geen andere goden aanbidden" en "geen gesneden evenbeeld maken" worden als een, resp. twee geboden gerekend. Het verbod van overspel (of echtbreken) is echter overal hetzelfde.
9. Malthus: econoom, theoreticus van overbevolking en geboortebeperking.
10. De baan opgaan, tippelen, zoals de vrouw op straat.
11. Uitvoerig stil spel. In de oorspr. tekst: "Zij doet hoed en mantel af, gaat naar het venster, ademt tegen een der ruiten, schrijft met aarzelende hanepoten op het beslagen glas: 'Lotte'. Dan, lusteloos, warmt zij zich bij de haard, beweegt onrustig, neemt een boek, begint te lezen, slaat het weer nerveus dicht, opent de deur, roept vriendelijk-lokkend: 'Peter!', luistert, keert naar de haard terug, tracht te slapen, springt op, neemt een spel kaarten uit de kast, legt ze voorzichtig uit..."
12. In 1901 werd de meerderjarige leeftijd verlaagd van 23 naar 21 (zie eerste bedrijf, noot 5).
13. Toneelwerken 1965 volgt hier de druk Van Looy 1900, en schrijft "slechts".
14. In de oorspr. tekst wordt Lotte hier elke claus getekend als "schuw", "angstig", "op schreien af" en in de laatste claus "snikt het wanhopig uit". Dit is overeenkomstig het tiende toneel van het tweede bedrijf, waar Peter haar tegen Gaaike omschrijft als "een beetje erg timide". Mijns inziens is er zonder bezwaar een andere rolopvatting mogelijk. Ze is de vrouw van een mondige student en weet zelf in deze scène prima haar zaak te verdedigen.


HH site
Web

150 JAAR
Herman Heijermans

Jubileumactie

Doneren aan het project

 
colofon
Deze website is gestart op 3 december 2014, de 150ste geboorte­dag van Herman Heijermans Jr. en officieel gelanceerd op 24 september 2015.
De pagina's zijn handmatig gezet in Verdana 14 px. Alle wijzigingen voorbehouden. Deze website gebruikt geen cookies.
copyright en disclaimer
Voor de op deze website gepubliceerde teksten van Herman Heijermans geldt de licentie CC-BY-SA 4.0 (Naamsvermelding-Gelijk Delen). Alle andere materiaal, inclusief ontwerp, opzet en achtergronden, valt onder normaal auteursrecht. Mocht een rechthebbende aan onze aandacht zijn ontsnapt, dan verzoeken we deze zich te wenden tot de redactie. Voor eventuele schade, ontstaan door fouten in de inhoud, aanvaarden wij geen aansprakelijkheid.
contact
email: M.G. Vonder
post: W. Passtoorsstraat 12-1
1073 HX Amsterdam